DE KLEUTERSCHOOL

De kleuterschool heb ik bezocht bij de nonnen in het Stift. Getooid met een ovaalvormig blikken broodtrommeltje, met een touwtje om de nek gehangen, gingen we iedere dag door de Ham naar school. Bij slecht weer gingen we ook wel eens via de Wijngracht, maar dat was eigenlijk een beetje om en lang niet zo interessant als door het bos. Een van de eerste dagelijkse taken op school was het wassen van gezicht en handen. Hiervoor was meteen links van de ingang een ruimte ingericht waar twee lange metalen wasbakken stonden. Ze leken een beetje op drinkbakken voor koeien, maar dan groter. Veel kan ik me van die tijd niet herinneren, wel dat er op de speelplaats een muurtje stond waar we in geen enkel geval overheen mochten lopen. De nonnen hebben mij er vaak vanaf moeten halen...

Mijn beste vriendje uit die tijd was Bert Houben. Hij woonde met zijn ouders en zusje in de Franckstraat, in het huis waarin later de familie Meeuwssen introk. De Houben's zijn daarna verhuisd naar Schaesberg, vlak achter het station. Daar ben ik ooit nog een keer op vakantie geweest. Een straat verderop was in die tijd een groot landbouwveld. De boer had net de oogst binnengehaald en op het veld lagen balen stro, netjes bij elkaar gestapeld. Bert en ik hebben ons die middag geamuseerd met het bouwen van forten. Aan het eind van die dag ontdekte de boer de wanorde die wij geschapen hadden en in rap tempo kwam hij ons achterna. Ik zette het op een rennen en vluchtte het huis van de Houben's binnen, niet in de gaten hebbend dat Bertje gewoon was blijven zitten waar hij zat. Sufferd! Jammer voor mij had die boer gezien waar ik naar binnen was gerend en al snel stond hij voor de deur. Ma Houben sommeerde mij met hem mee te gaan en de balen weer netjes op te stapelen.

Ma Houben wist ik trouwens meermaals met succes tot wanhoop te brengen. Als mam ons niet naar school kon begeleiden liep ik met de Houbens mee. Als we via de Hambosweg liepen passeerden we dus de spoorwegovergang bij station Kerkrade Centrum, in die tijd een druk station waar ieder half uur de trein uit Heerlen en die uit de richting Simpelveld elkaar kruisten. De laatste zorgde ervoor dat op gezette tijden de slagbomen naar beneden gingen. En dat vond ik prachtig. Want dan kon ik er heerlijk op leunen, klimmen, hangen en andere leuke dingen doen als ze weer naar boven gingen!

In die tijd had ik ook een allerliefst vriendinnetje, Iris, waar ik vaak over de vloer kwam. Dat had er natuurlijk ook mee te maken, dat haar ouders, Jo en Mia Mijnes, goede kennissen waren van mijn ouders. Jo was een collega van pap. Op een gegeven moment werd mij echter verboden nog bij haar op bezoek te gaan. Zij bleek namelijk ernstig ziek te zijn, ik meen me te herinneren dat ze geelzucht had, en mijn ouders waren bang dat ik besmet zou raken. Ik begreep er helemaal niets van en op die leeftijd al zeker niet van die besmettelijke ziekte. Ik trok me dan ook niets aan van de waarschuwingen en ging toch nog bij haar op bezoek. We zouden onze vriendschap toch niet laten verpesten door een beetje ziek zijn!? En bovendien waren wij zó goed bevriend, dat wij alles zouden delen! Niet veel later is ze opgenomen in het ziekenhuis, waar zij is overleden. Ik herinner me dat Iris wist dat ze niet lang meer te leven had. Ook dit hebben wij als kinderen uitgebreid en onbevangen besproken. Nee, bang voor de door was zij niet.

Ik weet niet goed of de volgende gebeurtenis zich op de kleuter- of lagere school heeft afgespeeld. Pap bracht van het werk wel eens potloodbussen mee. Dat waren rode ronde metalen bussen waar potloden ingezeten hadden, met een doorsnede van enkele centimeters. Die konden de nonnen wellicht gebruiken opdat wij er iets moois van konden maken. Die dag ging ik alleen naar school, onder mijn arm een tas vol met van die bussen. Onderweg wilde ik een vriendje afhalen, die woonde in de Wijngracht, ongeveer waar tegenwoordig de flat staat. Het kereltje bleek die dag echter ziek te zijn en aangezien ik het best zielig voor hem vond als hij de hele dag alleen thuis moest zijn besloot ik hem gezelschap te houden. Wat we die dag allemaal uitgespookt hebben weet ik niet meer, wel dat we ons geamuseerd hebben met het kapot hameren van mijn voorraad potloodbussen... Tegen de avond kwam de moeder van mijn vriendje informeren of ik het niet langzaam tijd vond worden om naar huis te gaan. Mijn signalement was inmiddels al op de radio geweest. In de Deken Quodbachlaan stopte een politieauto en een vriendelijke agent vroeg of ik Martin Krewinkel was. In dat geval mocht ik instappen en werd ik naar huis gereden. Dat vond deze jongen natuurlijk grandioos. Jammer was alleen dat de agenten geen gebruik wilden maken van sirene en zwaailicht...

Terwijl we de Franckstraat inreden zat ik triomfantelijk wuivend achter in de politieauto. Ik begreep niets van de tumult die inmiddels thuis ontstaan was. Buren en verschillende familieleden hadden zich daar verzameld om mij op te wachten. Mam zat te huilen. Vol onbegrip aanvaarde ik de straf die ik kreeg.

Tijdens mijn verblijf op de kleuterschool heb ik ook voor de eerste keer kennis mogen maken met de EHBO van het Sint Jozefziekenhuis. Ik was aan het spelen met kralen en wilde wel eens weten hoe ver die in mijn neus zouden kunnen passen. Op zich een interessant experiment, dat echter een dramatische wending kreeg toen ik bemerkte dat ik de in mijn neus verstopte kraal er niet meer uit kreeg. Ook de toegesnelde non lukte het niet om het kreng uit mijn neus te verwijderen! Samen met de non toog ik in de richting van het ziekenhuis. Want een andere optie was er niet, zo maakte zij mij duidelijk. Toen we aan waren gekomen bij de EHBO wist een licht gevoel van onbehagen plaats te maken voor een groeiende aanval van paniek. Moet je al die instrumenten zien! Die gaan ze toch niet gebruiken?! En dan moest ik er al helemaal niet aan denken als ik ook nog een suit moest krijgen!! Gelukkig bleek uiteindelijk alles reuze mee te vallen. De "dokter" wist met behulp van een pincetje de kraal al snel en gelukkig helemaal pijnloos te verwijderen.

Op de laatste schooldag kwam papa mij afhalen. Hij heeft toen nog een foto gemaakt.